De kerstverlichting hangt nu reeds enkele dagen in de straten. Nog steeds zijn het gewone lampen in plaats van spaarlampen, hoewel ik dit vorig jaar reeds heb aangekaart in de milieuraad en tijdens de campagne klimaatwijken, waarin we er op wezen dat spaarlampen beter zijn naar energieverbruik en dus CO2-uitstoot toe.
Per slinger zijn het 70 lampen, hoeveel slingers er hangen ... dat mag iemand anders gaan natellen.
Het wattage van de lampen is niet te lezen vanop de grond, dat zal maximum 25 Watt zijn, toch even rekenen, als het 25W per lamp is, dan is dat 1.750W per slinger. Dus eens ze in gang zijn is dat 1,75kW per uur per slinger.
Toch wel de moeite om spaarlampen te gebruiken, niet ? Het zou zowel naar de CO2 uitstoot als financieel een goede zaak zijn in elk geval.
woensdag 26 november 2008
dinsdag 25 november 2008
CO2 problematiek
Dat onze CO2-uitstoot problematisch is, zou iedereen ondertussen al wel moeten beseffen, het vorige artikel is maar een zoveelste indicator van hoe we het ecosysteem danig naar de botten aan het 'helpen' zijn.
De uitstoot van CO2 blijft trouwens elk jaar toenemen, ondanks het Kyoto-protocol, dat blijkt uit het jaarrapport van de WMO (hangt samen met de VN). We zitten ondertussen aan een concentratie van 381,2 ppm.
In dit reeksje past ook volgend artikel, het zou iedereen aan het denken moeten zetten over het eigen gedrag. Moeilijk voor velen wellicht.
Zondag weer met de wagen naar de bakker voor je pistolets ?
* Vertalingen op verzoek en mits enige tijd van wachten *
De uitstoot van CO2 blijft trouwens elk jaar toenemen, ondanks het Kyoto-protocol, dat blijkt uit het jaarrapport van de WMO (hangt samen met de VN). We zitten ondertussen aan een concentratie van 381,2 ppm.
In dit reeksje past ook volgend artikel, het zou iedereen aan het denken moeten zetten over het eigen gedrag. Moeilijk voor velen wellicht.
Zondag weer met de wagen naar de bakker voor je pistolets ?
* Vertalingen op verzoek en mits enige tijd van wachten *
Verzuring oceanen door toename atmosferische CO2
The world's oceans are becoming acidic more quickly than climate change models predict, according to scientists who claim it will have a dramatic impact on marine ecosystems.
Water samples collected around an island in the eastern Pacific over the past eight years showed seawater had acidified more than 20 times faster than scientists expected. The effect could be devastating for shellfish and other crustaceans, because acidic waters dissolve calcium carbonate used by the organisms to make their protective shells.
Oceans absorb about a third of the carbon dioxide released into the atmosphere by human activities. When the gas dissolves in water, it forms carbonic acid, which alters the ocean's delicate chemical balance.
The increasing acidification of the oceans is likely to have impacts that run throughout the marine ecosystem, because the organisms most affected are at the bottom of the foodchain.
Timothy Wootton, a biologist at the University of Chicago, led a team of researchers who analysed the acidity, salinity and temperature of water around Tatoosh Island off the northwestern coast of Washington state.
Over eight years, the pH level of the water fell by 0.36 to about 8.1, more than 23 times more than the predicted fall of just 0.015 points. Water is neutral if its pH is seven, and becomes more acidic as the pH falls below that.
Writing in the US journal Proceedings of the National Academy of Sciences, the scientists raise concerns at how rapidly the process is happening and the impact it could have. "Acidification may be a more urgent issue than previously predicted, at least in some areas of the ocean," the authors write.
According to computer models of the local marine life, the rise in acidity is likely to cause substantial falls in the numbers of mussels and large goose barnacles, while algae and populations of smaller barnacles may increase. In turn, the changing distribution of these organisms will have effects on marine life that feed on them.
Last month, researchers warned that a new global deal on climate change would come too late to save many of the world's corals. A report from the Carnegie Institution at Stanford University in California found that carbon dioxide emissions are likely to acidify seawater enough to cause widespread damage to major reefs, including the Great Barrier Reef in Australia. Even stringent cuts designed to stabilise greenhouse gas levels still put more than 90% of the world's reefs in jeopardy.
"Declines in seawater pH were expected to happen very slowly, so we've been lax in dealing with the problem, but our study shows ocean acidification may be happening much quicker," said Wootton.
Het volledige artikel is te vinden op http://www.pnas.org/content/early/2008/11/24/0810079105.full.pdf+html
Water samples collected around an island in the eastern Pacific over the past eight years showed seawater had acidified more than 20 times faster than scientists expected. The effect could be devastating for shellfish and other crustaceans, because acidic waters dissolve calcium carbonate used by the organisms to make their protective shells.
Oceans absorb about a third of the carbon dioxide released into the atmosphere by human activities. When the gas dissolves in water, it forms carbonic acid, which alters the ocean's delicate chemical balance.
The increasing acidification of the oceans is likely to have impacts that run throughout the marine ecosystem, because the organisms most affected are at the bottom of the foodchain.
Timothy Wootton, a biologist at the University of Chicago, led a team of researchers who analysed the acidity, salinity and temperature of water around Tatoosh Island off the northwestern coast of Washington state.
Over eight years, the pH level of the water fell by 0.36 to about 8.1, more than 23 times more than the predicted fall of just 0.015 points. Water is neutral if its pH is seven, and becomes more acidic as the pH falls below that.
Writing in the US journal Proceedings of the National Academy of Sciences, the scientists raise concerns at how rapidly the process is happening and the impact it could have. "Acidification may be a more urgent issue than previously predicted, at least in some areas of the ocean," the authors write.
According to computer models of the local marine life, the rise in acidity is likely to cause substantial falls in the numbers of mussels and large goose barnacles, while algae and populations of smaller barnacles may increase. In turn, the changing distribution of these organisms will have effects on marine life that feed on them.
Last month, researchers warned that a new global deal on climate change would come too late to save many of the world's corals. A report from the Carnegie Institution at Stanford University in California found that carbon dioxide emissions are likely to acidify seawater enough to cause widespread damage to major reefs, including the Great Barrier Reef in Australia. Even stringent cuts designed to stabilise greenhouse gas levels still put more than 90% of the world's reefs in jeopardy.
"Declines in seawater pH were expected to happen very slowly, so we've been lax in dealing with the problem, but our study shows ocean acidification may be happening much quicker," said Wootton.
Het volledige artikel is te vinden op http://www.pnas.org/content/early/2008/11/24/0810079105.full.pdf+html
OCMW-werking onder de loep
Bij uitzondering plaatsen we hier een lezersbrief die niets van doen heeft met het milieu, maar die elders niet aan bod lijkt te komen.
"Het OCMW te Menen wenst op een open manier te communiceren met de bevolking. Voor alle mogelijke zaken kan men een beroep doen op het OCMW. Dit kan gaan van financiële tot psycho-sociale steun.
De realiteit is echter anders. Want door het OCMW kun je zwaar in de problemen komen.
Eén van de projecten van het OCMW is de buurtwerking Ter Beke. Meer dan 10 jaar geleden opgestart door het OCMW zelf. Dit project koppelde moeilijk te plaatsen werkzoekenden aan de noden van een kansarme buurt. Er werd de medewerkers een contract beloofd in de toekomst. Jaren later is daar voor de meesten niks van terechtgekomen en werden zelfs medewerkers die zich jarenlang hebben ingezet afgedankt. De hele buurtwerking is op sterven na dood. De nieuwe hype zijn de senioren. Voor goed draaiende buurtwerkingen is geen interesse en geen budget meer.
Wie dan toch het geluk had een deeltijds contractje in de wacht te slepen, kwam al snel bedrogen uit. Zelfs personen laten werken tijdens hun ziekteverlof kan blijkbaar bij het OCMW.
Vrije meningsuiting is niet gekend in deze streken. Wie kritiek durft te uiten op het stadsbeleid krijgt te horen, dat men zich aan de deontologie van het OCMW moet houden. Er is sprake van belangenvermenging want een OCMW hoort onafhankelijk te zijn. Wie toch kritiek durft uiten op het gemeentelijk beleid krijgt een straf bedacht door de salonsocialisten.
Van participatie zoals beschreven in de buurt- en nabijheidsdiensten is in de lokale diensteneconomie geen sprake, men wordt eerder behandeld als een complete idioot zonder rechten en inspraak. In plaats van zes dagen per week een open huis te houden is dit teruggeschroefd naar drie uur per week, waarbij alle voorzieningen zoals gebruik van computer, telefoon en dergelijke zijn weggehaald. Ook de samenwerking met andere dienstverleningen is stopgezet. Wie na dit alles afziet van een verlenging van het contract hoeft nooit meer op enige financiële steun van het OCMW te rekenen. Dat dit strijdig is met de wet, daar trekt men zich niets van aan.
Een aantal buurtbewoners zijn niet opgetogen met de huidige werking. Zij vragen om weer een activiteit in te lassen en de mogelijkheid om een kop koffie of thee te kunnen nuttigen. Deze opmerkingen worden niet in dank afgenomen en nu dreigt men zelfs met een toegangsverbod voor sommige buurtbewoners. De nieuwe verantwoordelijke heeft geen idee wat de noden zijn van deze wijk, heeft geen tijd voor een gesprek of zelfs het beantwoorden van een mail. Zo sterft het buurthuis een langzame dood of zou dat de achterliggende bedoeling zijn ? Moeten we terug naar een wijk van voor de buurtwerking waar jongeren op straat rondhangen, er geen enkel contact met elkaar is en deze wijk weer een slechte reputatie krijgt?
In het verleden waren er hier in Menen tal van goed lopende Projecten zoals Dopey (kortstondige kinderopvang), Val (klusjesdienst) en de jeugdvrouwen. Helaas allemaal opgedoekt en wat er van al de medewerkers geworden is, daar ligt blijkbaar niemand wakker van. Hoe het überhaupt mogelijk is dat de verantwoordelijke voor deze projecten dit alles naar de knoppen heeft laten helpen is een raadsel. Hier kan men toch vragen stellen bij hun competentie en diploma. Of zouden het allemaal beenhouwers zijn ?
Nu is het wachten op het prestigieuze OCMW gebouw, dat zal aangenaam zijn voor de kansarmen.
P.K."
"Het OCMW te Menen wenst op een open manier te communiceren met de bevolking. Voor alle mogelijke zaken kan men een beroep doen op het OCMW. Dit kan gaan van financiële tot psycho-sociale steun.
De realiteit is echter anders. Want door het OCMW kun je zwaar in de problemen komen.
Eén van de projecten van het OCMW is de buurtwerking Ter Beke. Meer dan 10 jaar geleden opgestart door het OCMW zelf. Dit project koppelde moeilijk te plaatsen werkzoekenden aan de noden van een kansarme buurt. Er werd de medewerkers een contract beloofd in de toekomst. Jaren later is daar voor de meesten niks van terechtgekomen en werden zelfs medewerkers die zich jarenlang hebben ingezet afgedankt. De hele buurtwerking is op sterven na dood. De nieuwe hype zijn de senioren. Voor goed draaiende buurtwerkingen is geen interesse en geen budget meer.
Wie dan toch het geluk had een deeltijds contractje in de wacht te slepen, kwam al snel bedrogen uit. Zelfs personen laten werken tijdens hun ziekteverlof kan blijkbaar bij het OCMW.
Vrije meningsuiting is niet gekend in deze streken. Wie kritiek durft te uiten op het stadsbeleid krijgt te horen, dat men zich aan de deontologie van het OCMW moet houden. Er is sprake van belangenvermenging want een OCMW hoort onafhankelijk te zijn. Wie toch kritiek durft uiten op het gemeentelijk beleid krijgt een straf bedacht door de salonsocialisten.
Van participatie zoals beschreven in de buurt- en nabijheidsdiensten is in de lokale diensteneconomie geen sprake, men wordt eerder behandeld als een complete idioot zonder rechten en inspraak. In plaats van zes dagen per week een open huis te houden is dit teruggeschroefd naar drie uur per week, waarbij alle voorzieningen zoals gebruik van computer, telefoon en dergelijke zijn weggehaald. Ook de samenwerking met andere dienstverleningen is stopgezet. Wie na dit alles afziet van een verlenging van het contract hoeft nooit meer op enige financiële steun van het OCMW te rekenen. Dat dit strijdig is met de wet, daar trekt men zich niets van aan.
Een aantal buurtbewoners zijn niet opgetogen met de huidige werking. Zij vragen om weer een activiteit in te lassen en de mogelijkheid om een kop koffie of thee te kunnen nuttigen. Deze opmerkingen worden niet in dank afgenomen en nu dreigt men zelfs met een toegangsverbod voor sommige buurtbewoners. De nieuwe verantwoordelijke heeft geen idee wat de noden zijn van deze wijk, heeft geen tijd voor een gesprek of zelfs het beantwoorden van een mail. Zo sterft het buurthuis een langzame dood of zou dat de achterliggende bedoeling zijn ? Moeten we terug naar een wijk van voor de buurtwerking waar jongeren op straat rondhangen, er geen enkel contact met elkaar is en deze wijk weer een slechte reputatie krijgt?
In het verleden waren er hier in Menen tal van goed lopende Projecten zoals Dopey (kortstondige kinderopvang), Val (klusjesdienst) en de jeugdvrouwen. Helaas allemaal opgedoekt en wat er van al de medewerkers geworden is, daar ligt blijkbaar niemand wakker van. Hoe het überhaupt mogelijk is dat de verantwoordelijke voor deze projecten dit alles naar de knoppen heeft laten helpen is een raadsel. Hier kan men toch vragen stellen bij hun competentie en diploma. Of zouden het allemaal beenhouwers zijn ?
Nu is het wachten op het prestigieuze OCMW gebouw, dat zal aangenaam zijn voor de kansarmen.
P.K."
maandag 24 november 2008
Muppet show
Naar de letter van de wet toe heeft hij gelijk, daar valt geen speld tussen te krijgen. En ergens ben ik het ook wel met hem eens, je kan van mening verschillen over iets, maar dat mag niet in de weg staan van je samenwerking op andere vlakken (vgl. vrijdag lln).
De oppositie lijkt me echter een stel schaapjes dat wel heel snel bakzeil haalt, maar goed, op zich is dat hun probleem.
Toch twee puntjes van bezorgheid:
1) de gemeente neemt zo'n 3.000 aandelen over van de provincie in de WVI, wat betekent dat voor het industriegebied Menen-West?
2) de documentjes (agenda) van de GR besloegen drie pagina's. Op die drie pagina's heb ik 9 taalfoutjes ontdekt. Neem nu aub eens iemand in dienst met kennis van de nederlandse taal en kennis van computer(programma')s. Verdikke, als je een Stad wil zijn dien je professioneel te werken. En als je geen geld hebt om iemand aan te werven, stuur dan desnoods je documenten even naar hier, dan halen wij (het gros der) eventuele taalfouten er wel uit.
De oppositie lijkt me echter een stel schaapjes dat wel heel snel bakzeil haalt, maar goed, op zich is dat hun probleem.
Toch twee puntjes van bezorgheid:
1) de gemeente neemt zo'n 3.000 aandelen over van de provincie in de WVI, wat betekent dat voor het industriegebied Menen-West?
2) de documentjes (agenda) van de GR besloegen drie pagina's. Op die drie pagina's heb ik 9 taalfoutjes ontdekt. Neem nu aub eens iemand in dienst met kennis van de nederlandse taal en kennis van computer(programma')s. Verdikke, als je een Stad wil zijn dien je professioneel te werken. En als je geen geld hebt om iemand aan te werven, stuur dan desnoods je documenten even naar hier, dan halen wij (het gros der) eventuele taalfouten er wel uit.
Werkgroep dioxines
Bij deze het verslag van de technische werkgroep dioxines. De cijfers van de meetcampagne hebben we reeds een tijdje geleden gepubliceerd en staan hier een stukje onder.
Positief is in elk geval dat de burgemeester de cijfers voortaan twee maal per jaar bekend wil maken, na de bijeenkomst van werkgroep. Nu ja, of hij dat nu wil of niet, we brengen ze toch naar buiten :-)
VERSLAG VERGADERING TECHNISCHE WERKGROEP 6 oktober 2008
Aanwezig:
Bérenice Bogaert (schepen leefmilieu Menen – voorzitter technische werkgroep),
Martine Decock (Duurzaamheidsambtenaar Menen),
Marjorie Desmedt (VMM),
Emmanuel Goeteyn (Medisch milieukundige LOGO),
Willy Labat (Milieuvergunningen),
Karine Meersman (gezondheidsinspectie),
Johnny Demuysere (Wijkraad Alerte Koekuit)
Verontschuldigd (+staking openbaar vervoer):
Geert Van Landschoot (Milieu-inspectie)
Vera Cantaert (FAVV),
Florent Denaghel (afgevaardigde Milieuraad Menen),
Wilfried Samaey (Milieuraad Menen),
Nicole Schoutteten (Milieuraad Menen),
Treden uit:
Ilse Vanwijnsberghe (Milieudienst Menen),
Rik Debaere (Galloo NV) : zie motivatie in brief ontslag die (bijlage)
Naar aanleiding van het ontslag van Rik Debaere van firma Galloo haalt Schepen Bogaert aan dat zij een persoonlijk contact had met dhr Debaere. Indien er meerdere firma’s bereid zijn om deel uit te maken van de commissie zal ook een afgevaardigde van de firma Galloo de vergaderingen verder bijwonen. Hoge dioxinescijfers zijn niet het resultaat van één bedrijf, zegt dhr Debaere. De schepen zal een poging doen om meerdere bedrijven te engageren om de vergaderingen van de technische commissie bij te wonen.
1. Goedkeuring verslag
Overleg van milieuinspectie met burgemeester zou een goede zaak zijn, klachten inzake illegale verbranding tijdens het weekend. Kunnen de controles opgedreven worden tijdens het weekend?
2. Meetresultaten
De nieuwe meetresultaten worden overhandigd aan de technische werkgroep.
In de periode van mei-juni is een hoge piek bij de PCB’s vastgesteld (156). Misschien te wijten aan brand of windrichting? Er blijkt geen verklaring voor deze hoge waarden te zijn.
Bij de brandweer was er geen melding in die meetperiode. Bij het bedrijf Galloo werden aantal branden gemeld: 27/03/08 (ontploffing), 15/04/08 (loodsbrand) en 26/08/08 (afvalbrandje).
Deze onverklaarbare pieken kunnen een argument zijn voor biomonotoring en het opstarten van een campagne. Volgens E.Goeteyn staat de stad Menen momenteel op de tweede plaats en dit is een goed teken. Hoogstwaarschijnlijk komt Menen aan de beurt.
M. Desmedt van de VMM zegt dat er niet direct grote bezorgdheid rond gezondheid moet zijn, gezien de pieken gemeten werden in een zone van bedrijvigheid en KMO’s. Toch blijft het aangewezen in de aanpalende regio betreffende de voeding de groenten heel goed te wassen. De eieren van de kippen zijn een grotere zorg! Kippen best voederen in hun hok.
Sinds 2006 worden de meetposten Menen 8 en Menen 6 maandelijks bemonsterd.
M. Desmedt wijst op het meest relevante meetpunt “Menen 8”, nabij een woonwijk en weide. “Menen 6” is een specifieke meting voor het bedrijf Galloo. We moeten zowieso wel een jaargemiddelde nemen, niet deze piek!
Schepen Bogaert vraagt of de waarden in Frankrijk gelijklopend zijn. De waarden zijn waarschijnlijk lager, antwoordt M. Desmedt.
Dhr Vanlandschoot (hier afwezig) zou checken of extra metingen kunnen gebeuren op het bedrijf Galloo zelf. Hij werd intussen gecontacteerd en deed volgende mededeling:
Er zijn onderhandelingen geweest tussen de hoofdinspectie van de Milieuinspectie en de VMM betreffende de meeposten algemeen rond de schredderbedrijven. Er is een ganse evolutie geweest inzake de metingen, zowel op werkterrein als budgetten.
De milieuinspectie zal verder de emissies beoordelen bij de bedrijven, zodat er continuïteit van die meetposten is; de VMM zal de depositiemetingen uitvoeren in het kader van de volksgezondheid, en dus gemeten op meer relevante meetposten rond woon- en landbouwgebieden. Intussen werd beslist dat er bijkomende meetposten in Menen zullen geplaatst worden in functie van het risico op de volksgezondheid en zullen de metingen aan strengere grenswaarden (nu 6 en 26 pg TEQ/m_.dag) worden afgetoetst in de toekomst.
De melkstalen werden ook opgevraagd bij V. Cantaert (hier afwezig) en zijn als volgt:
Er werden op 4 boerderijen melkstalen genomen voor analyse op dioxines, dioxineachtige PCB en PCB:
Staalnames in de Roterijstraat, Murissonstraat, Veldstraat en Ch. Cappellestraat:
Op 04/04/2008: alle resultaten waren gunstig.
Op 17/09/2008: bij dezelfde producenten werden stalen genomen, allen met een gunstig resultaat.
J. Demuysere: Er worden metingen gedaan bij 2 bedrijven (Wervikstraat en bedrijf aan Leie). Ter hoogte van het bedrijf aan de Leie zijn er geregeld rookpluimen vastgesteld. Het bedrijf moet bereid zijn metingen door de milieuinspectie te laten uitvoeren. Ook tijdens verlofperiode wordt er bedrijvigheid vastgesteld.
Eveneens het bedrijf Dekeyser, waarvoor een milieuvergunning werd aangevraagd. De Wijkraad de Alerte Koekuit tekende bezwaar aan bij het openbaar onderzoek om mogelijkse verdere gevaren te voorkomen. Het bedrijf kreeg een tijdelijke vergunning voor 1 jaar, de tijd om aanpassingen te doen en dan toch de vergunning te krijgen. Er is geen sprake meer van enige bezwaren! Het enige wat nog kan is beroep aantekenen tegen een gunstige beslissing. Alertheid vanuit diverse invalshoeken kan leiden tot goede resultaten.
Samenvatting van het eindrapport voor Menen:
Er is een dalende trend tot 2007. Wat zal 2008 geven?
De saneringsmaatregelen op het vlak van de stofbeheersing, opgelegd door de Milieu-inspectie, zijn niet zonder effect gebleven. De dioxineverontreiniging is er duidelijk verbeterd in vergelijking met de situatie in de jaren ’90, hoewel er periodiek nog verhoogde waarden optreden. Inzake de PCB-depositie worden sterk fluctuerende meetwaarden vastgesteld, die regelmatig verhoogd zijn. Waakzaamheid blijft hier aan de orde.
Nabij schredders manifesteert zich meestal het PCB-probleem. De VMM beslist om in 2009 een uitgebreide meetcampagne op te starten nabij 2 schredders (Genk en Menen). Doel is na te gaan over welke afstand de verontreiniging zich uitstrekt. Het huidige meetprogramma laat echter niet toe om de pollutiegrens volledig af te bakenen. Gedurende 6 maanden zullen er op 5 strategisch geplaatste meetposten stalen gecollecteerd worden. Momenteel zijn er maandelijkse metingen op 2 plaatsen en halfjaarlijkse op 2 andere plaatsen.
3. Openbaarheid meetresultaten
Het verspreiden van meetresultaten van dioxines en PCB’s komt opnieuw aan bod. De burgemeester wil de cijfers bekendmaken na het verschijnen op de technische werkgroep. Er worden in de toekomst 2-jaarlijkse resultaten bekend gemaakt (periodes okt-maart en april-sept).
De meetresultaten met interpretatie komen eind oktober op de website (worden hier bij het verslag gevoegd) en kunnen dan vrijgegeven worden in het openbaar. Op de milieuraad van 9 oktober werd eveneens deze mededeling gedaan. Eveneens wordt nu bij het verslag van de milieuraad het verslag van de technische commissie gevoegd.
Volgende vergadering:
21/04/2009
Positief is in elk geval dat de burgemeester de cijfers voortaan twee maal per jaar bekend wil maken, na de bijeenkomst van werkgroep. Nu ja, of hij dat nu wil of niet, we brengen ze toch naar buiten :-)
VERSLAG VERGADERING TECHNISCHE WERKGROEP 6 oktober 2008
Aanwezig:
Bérenice Bogaert (schepen leefmilieu Menen – voorzitter technische werkgroep),
Martine Decock (Duurzaamheidsambtenaar Menen),
Marjorie Desmedt (VMM),
Emmanuel Goeteyn (Medisch milieukundige LOGO),
Willy Labat (Milieuvergunningen),
Karine Meersman (gezondheidsinspectie),
Johnny Demuysere (Wijkraad Alerte Koekuit)
Verontschuldigd (+staking openbaar vervoer):
Geert Van Landschoot (Milieu-inspectie)
Vera Cantaert (FAVV),
Florent Denaghel (afgevaardigde Milieuraad Menen),
Wilfried Samaey (Milieuraad Menen),
Nicole Schoutteten (Milieuraad Menen),
Treden uit:
Ilse Vanwijnsberghe (Milieudienst Menen),
Rik Debaere (Galloo NV) : zie motivatie in brief ontslag die (bijlage)
Naar aanleiding van het ontslag van Rik Debaere van firma Galloo haalt Schepen Bogaert aan dat zij een persoonlijk contact had met dhr Debaere. Indien er meerdere firma’s bereid zijn om deel uit te maken van de commissie zal ook een afgevaardigde van de firma Galloo de vergaderingen verder bijwonen. Hoge dioxinescijfers zijn niet het resultaat van één bedrijf, zegt dhr Debaere. De schepen zal een poging doen om meerdere bedrijven te engageren om de vergaderingen van de technische commissie bij te wonen.
1. Goedkeuring verslag
Overleg van milieuinspectie met burgemeester zou een goede zaak zijn, klachten inzake illegale verbranding tijdens het weekend. Kunnen de controles opgedreven worden tijdens het weekend?
2. Meetresultaten
De nieuwe meetresultaten worden overhandigd aan de technische werkgroep.
In de periode van mei-juni is een hoge piek bij de PCB’s vastgesteld (156). Misschien te wijten aan brand of windrichting? Er blijkt geen verklaring voor deze hoge waarden te zijn.
Bij de brandweer was er geen melding in die meetperiode. Bij het bedrijf Galloo werden aantal branden gemeld: 27/03/08 (ontploffing), 15/04/08 (loodsbrand) en 26/08/08 (afvalbrandje).
Deze onverklaarbare pieken kunnen een argument zijn voor biomonotoring en het opstarten van een campagne. Volgens E.Goeteyn staat de stad Menen momenteel op de tweede plaats en dit is een goed teken. Hoogstwaarschijnlijk komt Menen aan de beurt.
M. Desmedt van de VMM zegt dat er niet direct grote bezorgdheid rond gezondheid moet zijn, gezien de pieken gemeten werden in een zone van bedrijvigheid en KMO’s. Toch blijft het aangewezen in de aanpalende regio betreffende de voeding de groenten heel goed te wassen. De eieren van de kippen zijn een grotere zorg! Kippen best voederen in hun hok.
Sinds 2006 worden de meetposten Menen 8 en Menen 6 maandelijks bemonsterd.
M. Desmedt wijst op het meest relevante meetpunt “Menen 8”, nabij een woonwijk en weide. “Menen 6” is een specifieke meting voor het bedrijf Galloo. We moeten zowieso wel een jaargemiddelde nemen, niet deze piek!
Schepen Bogaert vraagt of de waarden in Frankrijk gelijklopend zijn. De waarden zijn waarschijnlijk lager, antwoordt M. Desmedt.
Dhr Vanlandschoot (hier afwezig) zou checken of extra metingen kunnen gebeuren op het bedrijf Galloo zelf. Hij werd intussen gecontacteerd en deed volgende mededeling:
Er zijn onderhandelingen geweest tussen de hoofdinspectie van de Milieuinspectie en de VMM betreffende de meeposten algemeen rond de schredderbedrijven. Er is een ganse evolutie geweest inzake de metingen, zowel op werkterrein als budgetten.
De milieuinspectie zal verder de emissies beoordelen bij de bedrijven, zodat er continuïteit van die meetposten is; de VMM zal de depositiemetingen uitvoeren in het kader van de volksgezondheid, en dus gemeten op meer relevante meetposten rond woon- en landbouwgebieden. Intussen werd beslist dat er bijkomende meetposten in Menen zullen geplaatst worden in functie van het risico op de volksgezondheid en zullen de metingen aan strengere grenswaarden (nu 6 en 26 pg TEQ/m_.dag) worden afgetoetst in de toekomst.
De melkstalen werden ook opgevraagd bij V. Cantaert (hier afwezig) en zijn als volgt:
Er werden op 4 boerderijen melkstalen genomen voor analyse op dioxines, dioxineachtige PCB en PCB:
Staalnames in de Roterijstraat, Murissonstraat, Veldstraat en Ch. Cappellestraat:
Op 04/04/2008: alle resultaten waren gunstig.
Op 17/09/2008: bij dezelfde producenten werden stalen genomen, allen met een gunstig resultaat.
J. Demuysere: Er worden metingen gedaan bij 2 bedrijven (Wervikstraat en bedrijf aan Leie). Ter hoogte van het bedrijf aan de Leie zijn er geregeld rookpluimen vastgesteld. Het bedrijf moet bereid zijn metingen door de milieuinspectie te laten uitvoeren. Ook tijdens verlofperiode wordt er bedrijvigheid vastgesteld.
Eveneens het bedrijf Dekeyser, waarvoor een milieuvergunning werd aangevraagd. De Wijkraad de Alerte Koekuit tekende bezwaar aan bij het openbaar onderzoek om mogelijkse verdere gevaren te voorkomen. Het bedrijf kreeg een tijdelijke vergunning voor 1 jaar, de tijd om aanpassingen te doen en dan toch de vergunning te krijgen. Er is geen sprake meer van enige bezwaren! Het enige wat nog kan is beroep aantekenen tegen een gunstige beslissing. Alertheid vanuit diverse invalshoeken kan leiden tot goede resultaten.
Samenvatting van het eindrapport voor Menen:
Er is een dalende trend tot 2007. Wat zal 2008 geven?
De saneringsmaatregelen op het vlak van de stofbeheersing, opgelegd door de Milieu-inspectie, zijn niet zonder effect gebleven. De dioxineverontreiniging is er duidelijk verbeterd in vergelijking met de situatie in de jaren ’90, hoewel er periodiek nog verhoogde waarden optreden. Inzake de PCB-depositie worden sterk fluctuerende meetwaarden vastgesteld, die regelmatig verhoogd zijn. Waakzaamheid blijft hier aan de orde.
Nabij schredders manifesteert zich meestal het PCB-probleem. De VMM beslist om in 2009 een uitgebreide meetcampagne op te starten nabij 2 schredders (Genk en Menen). Doel is na te gaan over welke afstand de verontreiniging zich uitstrekt. Het huidige meetprogramma laat echter niet toe om de pollutiegrens volledig af te bakenen. Gedurende 6 maanden zullen er op 5 strategisch geplaatste meetposten stalen gecollecteerd worden. Momenteel zijn er maandelijkse metingen op 2 plaatsen en halfjaarlijkse op 2 andere plaatsen.
3. Openbaarheid meetresultaten
Het verspreiden van meetresultaten van dioxines en PCB’s komt opnieuw aan bod. De burgemeester wil de cijfers bekendmaken na het verschijnen op de technische werkgroep. Er worden in de toekomst 2-jaarlijkse resultaten bekend gemaakt (periodes okt-maart en april-sept).
De meetresultaten met interpretatie komen eind oktober op de website (worden hier bij het verslag gevoegd) en kunnen dan vrijgegeven worden in het openbaar. Op de milieuraad van 9 oktober werd eveneens deze mededeling gedaan. Eveneens wordt nu bij het verslag van de milieuraad het verslag van de technische commissie gevoegd.
Volgende vergadering:
21/04/2009
zaterdag 22 november 2008
βουνό απορριμάτων
Wie zich geen piepkuiken meer kan noemen herinnert zich misschien nog hoe men in de steentijd omsprong met materie en kan dit toetsen aan de huidige materiegebonden omgangsvormen.
Sedert Einstein gaan we er ruwweg van uit dat er een verband is tussen materie en energie, iets is of materie, of energie om het in dummystijl neer te pennen. Beide kunnen ook in elkaar worden omgezet, leg een blok hout op een vuur en het hout, de materie gaat warmte, energie afgeven. Het hout wordt daarbij omgevormd tot as.
Allemaal heel lollig, maar wat heeft dat nu te maken met het milieu ?
Behoorlijk veel, maar daar gaan we het nu niet over hebben. Laten we eens een deelaspect van de materiële wereld in ogenschouw nemen dat hier en nu wel relevant is, namelijk de niet-nuttige materie. Of in het verstaanbaar nederlands, onze afvalberg.
Door de evolutie van onze westerse maatschappij zijn we anders gaan leven, en dat heeft zo zijn gevolgen voor onze afvalproductie gehad. Waar we vroeger alle tijd hadden om onze boodschappen in de buurtwinkels te halen, gaan we die nu grotendeels wekelijks ophalen in de supermarkt, het bespaart tijd en is vaak goedkoper ... zo lijkt het toch.
Er zijn echter ook wat nadelen aan dit systeem. Waar je in een buurtwinkel, op de markt of bij de boer losse ‘dingen’ zoals groenten, fruit, ... kan halen zijn die in een supermarkt over het algemeen voorverpakt. Dat is handig, je hoeft het zelf niet meer af te wegen en uit te zoeken, het is hygiënisch want vaak verpakt onder beschermende atmosfeer, het is makkelijker stapelbaar door de vorm van de verpakking, ... Een geweldig systeem dat veel tijd en moeite bespaart dus.
Of toch niet ?
Wat doen we met die verpakking ? Die verdwijnt bij het vuilnis, en daar begint alvast één schoentje te wringen. Vuilnis noemt men niet voor niets afval. Goed, het is ten dele te recycleren zodat we het niet moeten opstapelen tot we ook hier een Mount Everest hebben, maar recycleren vergt energie en die zou anders gebruikt kunnen worden voor zinvollere dingen, of bij niet-gebruik de uitstoot van broeikasgassen kunnen beperken.
Er worden inspanningen gedaan om de hoeveelheid afval te beperken, dat is toch het verhaal dat wordt opgehangen. Een maatregel om dit te bekomen is de gescheiden ophaling van diverse soorten afval, wat de recyclagecaroussel efficiënter doet draaien en dus toe te juichen is. Maar laten we ons niet de illusie aanpraten dat recyclage afval voorkomt, het verwerkt het afval enkel.
Een ander initiatief is de terugnameplicht, de idee hierachter is dat men minder afval gaat produceren indien men verplicht is dat afval terug te nemen. Geweldig idee, als het wordt toegepast naar de letter. Men is daar echter een beetje creatief mee geweest om praktische redenen. Een bedrijf dat verpakkingsmateriaal produceert dat op zich niet meer is dan tijdelijk bruikbaar afval krijgt dat afval natuurlijk niet terug voor zijn deur gezet, neen, dat bedrijf betaalt een zeker bedrag per kg materiaal dat het produceert, en dat geld wordt gebruikt om dat afval te recycleren. Niets mis mee toch want dat bedrijf zal er dan wel voor zorgen dat ze zo weinig mogelijk afval produceren, ha ja, dat is economisch gezond verstand.
Tenzij dat bedrijf die kosten voor de verwerking doorrekent naar de klanten. En wie zijn die klanten ? Uiteindelijk de eindgebruikers, de consumenten.
Om het maar eens heel eenvoudig te schetsen, stel je koopt zes suikerwafels in de supermarkt. Wat koop je dan juist ? Zes wafels, rond elke wafel een stukje plastic, een plastic potje waar die wafels inzitten en dan nog een plastic zakje waar dat potje in zit.
En waar betaal je nu voor ? Voor je wafels natuurlijk, voor de zes stukjes plastic, voor het bakje, voor het omhullend zakje, voor de inkt waarmee dat zakje bedrukt wordt, voor de vuilniszak waarin je al dat plastic moet stoppen (tenzij je het mee gaat opeten) én voor de recyclage van dat afval aangezien de producent van dat plastic gedoe dat wel doorrekent in zijn prijzen.
Wat nu met het systeem ‘de vervuiler betaalt’ ?
Een heel goed systeem, als je de vervuiler laat betalen en niet degene die vaak bijna niet anders kan dat een hoop afval aanschaffen.
Zijn er alternatieven ? Uiteraard, zoveel mogelijk losse producten kopen, hetzij op de markt, in de buurtwinkel, bij de boer, ...
Hierbij dien je echter mee rekening te houden met een ander aspect, namelijk het persoonlijke vervoer, hoeveel % gaat nog te voet of met de fiets de boodschappen doen ? De auto is toch een makkelijker, je wordt niet nat als het regent, je hebt geen last van de wind, je kan meer meebrengen, .... Dat je daarmee extra CO2 in de atmosfeer brengt is het probleem van de komende generatie(s), dat kinderen astma krijgen door de uitstoot van fijn stof, dat ligt niet aan jouw want anderen stoten veel meer fijn stof uit, dat de natuurlijke rijkdommen van dit nietige bolletje waarop we lopen uitgeput geraken, dat kan toch niet van die paar km rijden komen, het verbruikt amper benzine, rubber voor de banden, ruitewissers en remmen, de kans op een ongeval is klein, ...
We zijn anders gaan leven, ja, en hoe lang gaan we zo nog overleven ?
Sedert Einstein gaan we er ruwweg van uit dat er een verband is tussen materie en energie, iets is of materie, of energie om het in dummystijl neer te pennen. Beide kunnen ook in elkaar worden omgezet, leg een blok hout op een vuur en het hout, de materie gaat warmte, energie afgeven. Het hout wordt daarbij omgevormd tot as.
Allemaal heel lollig, maar wat heeft dat nu te maken met het milieu ?
Behoorlijk veel, maar daar gaan we het nu niet over hebben. Laten we eens een deelaspect van de materiële wereld in ogenschouw nemen dat hier en nu wel relevant is, namelijk de niet-nuttige materie. Of in het verstaanbaar nederlands, onze afvalberg.
Door de evolutie van onze westerse maatschappij zijn we anders gaan leven, en dat heeft zo zijn gevolgen voor onze afvalproductie gehad. Waar we vroeger alle tijd hadden om onze boodschappen in de buurtwinkels te halen, gaan we die nu grotendeels wekelijks ophalen in de supermarkt, het bespaart tijd en is vaak goedkoper ... zo lijkt het toch.
Er zijn echter ook wat nadelen aan dit systeem. Waar je in een buurtwinkel, op de markt of bij de boer losse ‘dingen’ zoals groenten, fruit, ... kan halen zijn die in een supermarkt over het algemeen voorverpakt. Dat is handig, je hoeft het zelf niet meer af te wegen en uit te zoeken, het is hygiënisch want vaak verpakt onder beschermende atmosfeer, het is makkelijker stapelbaar door de vorm van de verpakking, ... Een geweldig systeem dat veel tijd en moeite bespaart dus.
Of toch niet ?
Wat doen we met die verpakking ? Die verdwijnt bij het vuilnis, en daar begint alvast één schoentje te wringen. Vuilnis noemt men niet voor niets afval. Goed, het is ten dele te recycleren zodat we het niet moeten opstapelen tot we ook hier een Mount Everest hebben, maar recycleren vergt energie en die zou anders gebruikt kunnen worden voor zinvollere dingen, of bij niet-gebruik de uitstoot van broeikasgassen kunnen beperken.
Er worden inspanningen gedaan om de hoeveelheid afval te beperken, dat is toch het verhaal dat wordt opgehangen. Een maatregel om dit te bekomen is de gescheiden ophaling van diverse soorten afval, wat de recyclagecaroussel efficiënter doet draaien en dus toe te juichen is. Maar laten we ons niet de illusie aanpraten dat recyclage afval voorkomt, het verwerkt het afval enkel.
Een ander initiatief is de terugnameplicht, de idee hierachter is dat men minder afval gaat produceren indien men verplicht is dat afval terug te nemen. Geweldig idee, als het wordt toegepast naar de letter. Men is daar echter een beetje creatief mee geweest om praktische redenen. Een bedrijf dat verpakkingsmateriaal produceert dat op zich niet meer is dan tijdelijk bruikbaar afval krijgt dat afval natuurlijk niet terug voor zijn deur gezet, neen, dat bedrijf betaalt een zeker bedrag per kg materiaal dat het produceert, en dat geld wordt gebruikt om dat afval te recycleren. Niets mis mee toch want dat bedrijf zal er dan wel voor zorgen dat ze zo weinig mogelijk afval produceren, ha ja, dat is economisch gezond verstand.
Tenzij dat bedrijf die kosten voor de verwerking doorrekent naar de klanten. En wie zijn die klanten ? Uiteindelijk de eindgebruikers, de consumenten.
Om het maar eens heel eenvoudig te schetsen, stel je koopt zes suikerwafels in de supermarkt. Wat koop je dan juist ? Zes wafels, rond elke wafel een stukje plastic, een plastic potje waar die wafels inzitten en dan nog een plastic zakje waar dat potje in zit.
En waar betaal je nu voor ? Voor je wafels natuurlijk, voor de zes stukjes plastic, voor het bakje, voor het omhullend zakje, voor de inkt waarmee dat zakje bedrukt wordt, voor de vuilniszak waarin je al dat plastic moet stoppen (tenzij je het mee gaat opeten) én voor de recyclage van dat afval aangezien de producent van dat plastic gedoe dat wel doorrekent in zijn prijzen.
Wat nu met het systeem ‘de vervuiler betaalt’ ?
Een heel goed systeem, als je de vervuiler laat betalen en niet degene die vaak bijna niet anders kan dat een hoop afval aanschaffen.
Zijn er alternatieven ? Uiteraard, zoveel mogelijk losse producten kopen, hetzij op de markt, in de buurtwinkel, bij de boer, ...
Hierbij dien je echter mee rekening te houden met een ander aspect, namelijk het persoonlijke vervoer, hoeveel % gaat nog te voet of met de fiets de boodschappen doen ? De auto is toch een makkelijker, je wordt niet nat als het regent, je hebt geen last van de wind, je kan meer meebrengen, .... Dat je daarmee extra CO2 in de atmosfeer brengt is het probleem van de komende generatie(s), dat kinderen astma krijgen door de uitstoot van fijn stof, dat ligt niet aan jouw want anderen stoten veel meer fijn stof uit, dat de natuurlijke rijkdommen van dit nietige bolletje waarop we lopen uitgeput geraken, dat kan toch niet van die paar km rijden komen, het verbruikt amper benzine, rubber voor de banden, ruitewissers en remmen, de kans op een ongeval is klein, ...
We zijn anders gaan leven, ja, en hoe lang gaan we zo nog overleven ?
Abonneren op:
Posts (Atom)
